 Ik had dit boek al eens geleend en 'geprobeerd', maar ik kon er niet in komen op een of andere manier. Nu , nu kreeg ik het van vriendin van oudste. Zij vond het zelf een prachtig boek. Ik moest dus nu wel even doorzetten. En ja, na het eerste hoofdstuk, het voorwoord , kon ik niet meer ophouden met lezen.
Dit staat op de achterkant:
'Een roman over liefde die niet slijt of gedoemd is ten onder te gaan aan dagelijkse beslommeringen. Zij is een intellectuele Parisienne, hij een Bretonse zeeman en hoewel hun verschillende leefstijlen hen tot vreemden hadden moeten maken, leidt hun ontmoeting tot een verhouding die hun leven lang zal duren.'
Ik vond het verhaal mooi; ik vond ook het taalgebruik opvallend en mooi.
Het eind van het boek is wel een goed voorbeeld van dat taalgebruik:
'Er was niets afgelopen. Maar ik rilde ondanks het zachte weer, alsof mijn hele huid om hem in de rouw was. In de rouw om een man met wie ik nooit de kerstdagen zal hebben doorgebracht.
En toch zal ik over een maand mijn eerste kerstdagen zonder hem doorbrengen'.
|